Piz Cambrena- Gabarrou

Mon, 06/02/2014 - 12:18 - basv

Woensdagmiddag met Vincent op de gmail-chat. 'De Ecrins? Slechte voorspelling, veel nieuwe sneeuw. Chamonix? Weinig liftjes geopend en iets te veel kans op hoogteziekte. De Bernina dan eens? Ja, waarom niet?' Het plan is gesmeed. Vincent en ik zijn allebei nog nooit in dit gebied geweest en dat maakt het wel aantrekkelijk. Op internet las ik op gipfelbuch.ch over de Piz Palu dat de Gabarrou afgelopen weekend gedaan was en dat er op het oog weinig ijs was. Een route van Gabbarrou, de Franse ijsmeester, is altijd leuk - steil ijsklimmen in een directe lijn naar de top. Na enig zoeken vind ik wat informatie. Tijd om een gidsje te regelen is er niet meer. Met een paar armoedige Italiaanse beschrijvingen gaan we op pad. 

Een van de grote voordelen aan Bernina is de Diavolezza-baan die ons naar 2900m zou brengt. De hut ligt letterlijk in het kabelbaan station. Op vrijdag is het erg bewolkt en we brengen de dag in de hut door. We hopen dat het weer opklaart want we hebben weinig zin in een beklimming met slecht zicht. 'S avonds wacht een heerlijk 4-gangen diner. We besluiten definitief de volgende dag naar de Gabarrou te gaan. Ijsklimmen, daar houden we wel van. Misschien dat de dag erna er nog tijd is voor een echte mixed-route.

De wekker gaat om 3.45. Zowat alle bezoekers van de hut gaan de Piz Palu op toerski's doen. Wij zijn te voet en moeten maar hopen dat de sneeuw hard genoeg is. 

Tijdens de aanloop krijgen we mooi zicht op onze route. De condities zien er niet optimaal uit en de met ED- gewaardeerde Joos-goulotte ziet er eigenlijk nog meer beter uit. We besluiten af te wachten tot we echt het terrein gevoeld hebben. Maar schijn bedriegt soms...

 

Tijdens de aanloop hebben we zicht op de drie grote peilers van de Palu.

 

 

Helaas geen foto's van de moeilijke lengtes omdat we onze aandacht bij het zekeren nodig hadden en ik mijn camera vergeten was. Op de foto zie je Bas na de twee crux-lengtes.

Eenmaal over de bergschrund heen klimmen we solo door het onderste deel. Het is perfecte firn. Tot zover gaat alles lekker. Boven ons torent echter een steile wand met weinig ijs uit. De Joos ziet er ook niet best uit. Rechts in de Gabarrou zit een heel klein beetje ijs maar het is te weinig om te beklimmen. Het lijkt de normale lijn te zijn maar die is op dit moment erg lastig. We zijn onzeker of de beklimming wel gaat lukken maar uiteraard willen we niet zomaar opgeven. Vincent klimt een diagonale ijslengte tot onder de rotswand. Als ik bij de stand aankom zie ik een bijna loodrecht gootje met weinig ijs boven me. Ik weet dat ik aan de bak ag. Het ijs is te dun en te luchtig voor ijsboren. Gelukkig kan ik links in de rots steeds goede camalots plaatsen. Langzaam kom ik hoger. Als ik op het steilste deel aankom sla ik mijn linker bijl hoog in het fragiele ijs. Ik zie dat mijn laatste zekering vlak onder me zit en ik belast voorzichtig mijn bijl. Plotseling scheurt mijn nomic het ijs open maar hij blijft 10 cm lager hangen. Ik weet net mijn balans te bewaren. Gauw een gele camalot erbij plaatsen. Ik weet mijn voeten uit het steilste stukje te halen en dan is het nog een paar bewegingen naar makkelijker terrein.

Ik draai daar een onbetrouwbare ijsschroef in het piepschuim ijs en bekijk mijn opties. Pfoe, het blijft nog lastig... Maar Ik heb goede hoop dat ik door de rots een traverse naar rechts kan maken waardoor ik op een makkelijkere sneeuwband uitkom. Voorzichtig schraap ik mezelf een weg naar boven, het is best tricky klimmen. Als ik nog 2 cams over heb besluit ik stand te maken. Aan Vincent de eer om de traverse af te maken. Hij weet met een paar goede hooks een weg naar rechts te vinden en komt uit op de sneeuwband. Vanaf hier ziet de route er opeens veel makkelijker uit. 

We volgen daarna een ijsgully die op zich niet al te moeilijk is. Maar het is erg lastig om betrouwbare zekerpunten te vinden. We blijven daarom maar lengte voor lengte uitzekeren. Vincent moet op een gegeven moment zelfs een T-anker graven omdat hij niets anders kan vinden. 

 

Er volgt nog een uitklim van 200m door 50-60 graden firn. En dan zijn we op de top. Summit-Selfie!!

Fantastisch uitzicht op de top. Erg leuk om ook een keer in de Bernina te zijn geweest.

 

De afdaling laat echter niet met zich spotten. We volgen de overschrijding naar de Piz d'Arlas, een op zich zelf staande AD-tocht. We moeten onze stijgijzers aanhouden en klimmen zo honderden meters naar beneden door 2e graads rots en zachte sneeuw. Mijn hoofd bonkt door de hoogte maar we moeten gecontreerd blijven. Eenmaal onderaan de graat wacht nog een eindeloze terugtocht door papsneeuw naar de hut. De laatste 150m gaan weer omhoog en we hebben het allebei behoorlijk gehad. Maar om 19.30 kunnen we dan alsnog aanschuiven voor het heerlijke diner. Het eten smaakt heerlijk en welverdiend. Maar we zijn het algauw eens dat we morgen niet meer gaan klimmen. We slapen nog een nachtje in het lager (naast Eiger noordwand recordhouder Dani Arnold) en nemen dan de eerste lift naar beneden. Terug bij de auto feliciteren we elkaar dan met met een mooie toer die iets langer duurde dan verwacht, maar wel weer erg leuk was!